In ons eerste leerjaar heb je een vaste mentor die van je mentorklas van zo’n 16 leerlingen een hechte groep maakt. Dit groepsgevoel wordt nog eens versterkt doordat iedere klas een vast lokaal heeft van waaruit ze de rest van de lessen bezoeken. De mentor geeft in dit lokaal naast twee mentoruren en twee studielessen verschillende vakken aan zijn klas. Zodoende heeft hij of zij veel contact met de leerlingen van zijn of haar groep. De klas en de mentor leren elkaar op deze manier al snel heel goed kennen. Er is tijd voor individuele aandacht en voor iedere leerling wordt er een persoonlijk ontwikkelingsplan en een handelingsplan geschreven.
In het tweede leerjaar heeft de mentor naast de bovenstaande taken ook nog een belangrijke taak bij de begeleiding in de beroepskeuze die gemaakt moet worden. Meer hierover lees je onder het kopje PSO.